Art. 3.§ 1.al.3: De
contractuele bedingen met betrekking tot het auteursrecht en de
exploitatiewijzen
ervan moeten restrictief worden geïnterpreteerd. De overdracht van het
voorwerp dat een werk omvat, leidt niet tot het recht om het werk te
exploiteren; met het oog op de uitoefening van zijn vermogensrechten
moet de auteur op een redelijke manier toegang
tot zijn werk behouden.
5. Overdracht van een werk van Beeldende
Kunsten
Art. 9. Tenzij anders is
overeengekomen, wordt bij de overdracht van een werk van beeldende kunst
aan de verkrijger het recht overgedragen het werk als dusdanig tentoon
te stellen, in omstandigheden die geen afbreuk doen aan de eer of de
faam van de auteur; de
andere auteursrechten worden echter niet overgedragen.
Tenzij anders is
overeengekomen of tenzij andere gebruiken heersen, heeft de overdracht
van een werk van beeldende kunst het verbod tot gevolg om er andere
identieke exemplaren van te maken.
6. Portret
Art. 10. De auteur of de eigenaar van een portret dan wel enige
andere persoon die een portret bezit of voorhanden heeft, heeft niet het
recht het te reproduceren of aan het publiek mede te delen zonder
toestemming van de geportretteerde of, gedurende twintig jaar na diens
overlijden, zonder toestemming van zijn rechtverkrijgenden.
7. Wederkerigheid
buitenlandse auteurs
Art. 79. al.1 Onverminderd
het bepaalde in internationale overeenkomsten gelden de bij deze wet
gewaarborgde rechten in België ook voor de buitenlandse auteurs en
buitenlanders die naburige rechten genieten, maar niet voor een langere
termijn dan bij de Belgische wet is bepaald.
8. Strafbepalingen
Art.80. Hij die
kwaadwillig of bedrieglijk inbreuk pleegt op het auteursrecht en de
naburige al.1,2 en 3: rechten, is schuldig aan het misdrijf van
namaking.
Hetzelfde geldt voor de
kwaadwillige of bedrieglijke aanwending van de naam van een auteur of
van een persoon die een naburig recht geniet, of voor enig door hem
gebruikt distinctief kenmerk om zijn werk of prestatie aan te duiden. De
aldus tot stand gebrachte voorwerpen worden als nagemaakt beschouwd.
Hij die voorwerpen, wetende
dat zij nagemaakt zijn, verkoopt, verhuurt, te koop of te huur stelt, in
voorraad heeft voor de verkoop of de verhuur of in België invoert voor
commerciële doeleinden, is schuldig aan hetzelfde misdrijf.
9. Burgerlijke
rechtsvordering ter zake van auteursrecht
Art. 87.
Onverminderd de bevoegheid van de rechtbank van eerste aanleg, stelt de
voorzitter van
§1, al.1, 2 deze rechtbank het bestaan vast van een inbreuk op het
auteursrecht of op een naburig
en 3. recht en beveelt dat daaraan een einde wordt gemaakt.
De vordering
wordt ingesteld en behandeld zoals in kort geding.
Op de vordering
wordt uitspraak gedaan, niettegenstaande enige vervolging die voor de
strafrechter wordt ingesteld wegens dezelfde feiten.
Art. 87. §2: De
overhandiging van de nagemaakte voorwerpen en platen, vormen, matrijzen
of andere gereedschappen die rechtstreeks gediend hebben tot het plegen
van de namaking en die nog in het bezit van de verweerder zijn, kan
worden bevolen in mindering van de aan de eiser verschuldigde
schadevergoeding.
De verweerder
die te kwader trouw is, wordt veroordeeld tot verbeurdverklaring van de
nagemaakte voorwerpen en van de platen, vormen, matrijzen of andere
gereedschappen die rechtstraaks gediend hebben tot het plegen van de
namaking of, in voorkomend geval, tot de betaling van een som gelijk aan
de prijs van deze voorwerpen of andere reeds overgedragen goederen.